• 45min

1 portie sushirijst

250 g wortelen

20 g verse gember

1 el rijstazijn

½ tl suiker

zout

2 el zwart sesamzaad

8 ingemaakte umeboshi

1 norivel

  1. Bereid de sushirijst, laat het kort afkoelen en zet de rijst afgedekt klaar.

  2. Schil en rasp ondertussen de wortelen en de gember. Doe ze dan samen met azijn, suiker en een goeie snuf zout in een kom, meng alles en kneed even licht door. Laat 30 minuten trekken.

  3. Rooster het sesamzaad in een droge pan tot het begint te geuren en laat het op een bord afkoelen.

  4. Doe het wortelmengsel in een zeef, knijp het goed uit en meng het met sesamzaad door de sushirijst. Hak de umeboshi klein.

  5. Verdeel de sushirijst in 8 porties. Vorm van elke portie rijst voorzichtig een bal, zonder de rijst hierbij samen te persen. Druk steeds 1/8ste van de umeboshi in het midden van elke bal en vorm de rijst er weer omheen. Vorm tot slot met duim en wijsvinger een halve driehoek en vorm door te draaien alsnog een mooie driehoek.

  6. Halveer het norivel en snij het in vier korte, brede repen. Leg de reep met de gladde kant naar boven over de rijstdriehoek en druk licht aan.